Clubs

 

 

Nederlands Elftal in Arena:

 

 

“Leuk dat jullie er ook zijn”

 

 

AMSTERDAM – Na het debacle van de WK-finale zijn alle ogen alweer gericht op het EK. Net als voor het WK gaat ook de EK-kwalificatie als een speer. Zweden had vooraf snode plannen, het werd een ouderwets avondje Oranje.

 

Het Nederlands Elftal is een verademing, vergeleken met clubwedstrijden, waarbij de sfeer vaak opgefokt is. In en om de Amsterdam Arena heerste een gemoedelijke sfeer. Supporters van Oranje en Zweden- een invasie van vierduizend man sterk- liepen broederlijk door elkaar. Om niet in de files te belandden vertrokken wij om 14.30. Natuurlijk kom je dan niet in de file en waren we al om 17.00 op de parkeerplaats voor de Arena, waar Cirque de Soleil ook haar tenten had opgeslagen. Na de broer van mijn buurman, uit Peinakkuh, te hebben gevonden (“wah zit je toch man?”)  op naar de Arena. Op weg er naar toe krijgen we een oranje speldje. Voor een vrijwillige bijdrage. Nou, het is nog geen stuiver waard. Even souveniertjes vergelijken. Buurman zocht een grote vlag. “Rol hem maar even uit”, zegt de verkoopster. Er komt geen einde aan. Hier kun je wel een hele Arena mee behangen. Voor een hapje eten moet je reserveren. Na uren voor niks zoeken dan maar een ordinaire zak patat. Ondanks 40.000 mensen komen we zowaar  collega’s tegen. Biertje? Ja, maar dan van normaal formaat (voor zeven grote betaal je 30 euro!). De Zweden hebben hun eigen drank mee. Sommigen lopen in korte broek, ze zijn kou gewend in het hoge Noorden. De Nederlanders zijn goed gemutst. In het restaurant lopen we enkele Zwarte Pieten tegen het lijf. “Leuk dat jullie er ook zijn”, is de allervriendelijkste begroeting. En ook al zijn het geen bekenden; Oranje is een familie. In het Oranje Park hossen de Zweden op typische Hollandse voetballiedjes. Ook al verstaan ze er niks van. ‘Zlaaaataan’, zingen ze over hun favoriete speler. De Nederlanders dolen de tijd. In een sportwinkel, maar ook in de Mediamarkt. Koffie halen we op het station. “Speelt Nederland?”, vraagt een niet-voetballiefhebber. “Die mag ook wel nieuwe banden” is de Haagse humor over de piepende trein die voorbij scheert. Oranje kijken is ook de gekke supporters kijken. Een man heeft een pak aan, niet in Delfst Blauw, maar in Delfts Oranje. ‘Bondscoat’, staat er op een regenjas. Oranje tuinbroeken, de Zuid-Afrikaanse petteplet, alles is weer uit de kast gehaald. Boven de ingang (na tig trappen, roltrappen en een sluis) staat een vuvuzela. Deze mag niet mee naar binnen. Op de tribune is het feest in volle gang. Hoewel, de paar Zweden vinden ons maar stil en overmoedig. ‘Sverje’, scanderen ze. Maar na de pauze zie we ze niet meer terug. Oranje heeft Zweden van de mat gespeeld. Ze krijgen ook niets mee van het massaal aangehaalde ‘Ruud, ruud, ruud, als Van Nistelrooy warmloopt. In de rust is er latjeschieten. Van 35 meter (!) afstand, dit om de sponsor Radio 538. De winnaars van het Calve-toernooi maken een ereronde met de trofee. De wave gaat door het stadion. “Waar komen jullie vandaan?”, vraagt onze buurman uit Noord-Holland die hier ook elke twee weken zit voor Ajax. Na de geweldige wedstrijd (4-1 winst) zoeken we rustig de uitgang. Daarvoor wordt gewoon even een nooddeur geopend. Een Zweed heeft de naam Gustafson op zijn rug staan. Dat was toch een schaatser? We wensen hen een goede terugreis. “We zien elkaar volgend jaar in Zweden weer”, willen ze revanche. Na eindelijk het WK-Oranjepakket uitgestald te hebben gaan we ook weer naar huis. Voor we wegrijden horen we stemmen. Komende van enkele mensen die wijzen op onze kofferbak die nog openstaat. Oranje-supporters, een familie, houden ook sociale controle. .

       

Okt.2010  

BV Veendam (deel 2):

 

 

Deze club mag nooit verloren gaan

 

 

VEENDAM – Het zit BV Veendam aan alle kanten tegen. Het geld is op, de play-offs werd misgelopen en alsof het nog niet erger kan verloor het ook nog een jeugdig talent, Stephen Thomasia, die omkwam bij een auto-ongeluk.

 

Om dan zo’n belangrijke wedstrijd te spelen, de laatste van het seizoen ook nog, valt niet mee. Je moet er niet aan denken dat dit de laatste wedstrijd was in De Langeleegte. Dat knusse stadionnetje, zo prachtig gelegen in de parkstad. De club is nog toegankelijk. Letterlijk. We zijn aan de late kant. Maar ondanks de redelijke politiemacht zijn de veiligheidsmaatregelen nihil. Je kunt zo doorlopen. Zelfs de perskaart van De Krant wordt zonder problemen geaccepteerd. De enige groep die in de gaten wordt gehouden zijn de ‘hooligans’ achter het doel. Door middel van een camera op een enorme paal. Maar vanavond geen enkele wanklank. De supporters, gewapend met een grote geel-zwarte vlag, gedragen zich voorbeeldig. Onder aanvoering van een man met een indrukwekkende longinhoud worden de geel-zwarten aangemoedigd. Over geluid gesproken. De speaker is oorverdovend. Dat het geld op is merk je nog niet in de kiosk. De snoep is zo goed als uitverkocht en de fanartikelen worden met flinke korting verkocht.

Tachtig minuten is het vrij rustig in het geheel geel-zwarte stadion (alleen het toiletpapier is nog niet geel-zwart), gevuld met ruim vierduizend man. De mensen hebben echt nog clubliefde, al laten ze dit niet zo blijken. Opvallend: geen enkel scheldwoord aan het adres van wie dan ook. Wel waardering voor de inzet van de Veendam-spelers, want daar houden ze van hier: ‘veenkoloniaal voetbal’. Aan de andere kant wordt ook het betere spel van de tegenstander, het befaamde Go Ahead Eagles, gezien. Veendam heeft aan een gelijkspel genoeg, mits de concurrenten meewerken. Vlak voor rust valt de gevreesde 0-1. Toch neemt de druk toe en tien minuten voor tijd ontploft het stadion als topscorer Michael de Leeuw een magistrale fallruckzieher (omhaal dus) toont als Van Basten in zijn beste jaren. Wat een wereldgoal. In de slotfase begint het zowaar te spoken, als in de gouden tijden. Helaas, het is te laat. 1-1 blijft het, terwijl de concurrentie wint. Het applaus is echter op zijn plaats, al was het alleen maar voor het doelpunt. Wiekens neemt na afloop afscheid van zijn carriere. Maar in sobere stijl van deze toch zwarte dag. In het bruine café (supportershome) is het aanvankelijk akelig leeg. Maar dan vult de ‘huiskamer’ alsnog. Wanneer de persconferentie op tv begint wordt de muziek uitgezet en luistert iedereen ademloos naar het verhaal van trainer Joop Gall. “Deze wedstrijd is niet belangrijk”, doelend op de tragische gebeurtenis. En als een supporter later opmerkt dat hij dartig euro het betoald veur een theateroavendje in Geert Teis in Stadskanoal, terwijl ik hier 15 euro moest geven en niks zain heb, wordt hij terecht gezet. “Maar dan heb je wel een wereldgoal gezien”. Het bier (geen Jupiler van de sponsor van de Eerste Divisie, maar gewoon Amstel) vloet rijkelijk, in bloemenvazen. De spelers hangen ook aan de bar en krijgen schouderklopjes. Een Go Ahead-speler kan rustig langslopen. Als dan het gerucht gaat dat Arjen Robben Veendam wil redden is het van “dat zou mooi zijn”. Hoe het ook gebeurt. Dit Veendam (noem het om mij weer SC Veendam, met de S van Semi-prof) mag niet verloren gaan. En dus bestellen we nog maar een rondje.

              

 

April 2010

Oranje

 

Nederland-Paraguay in Heerenveen: Geen olifantentoeters, geen bier en geen doelpunten

 

 

HEERENVEEN – Het Nederlands Elftal oefende onlangs tegen Paraguay. Voor de tv het aanzien niet waard, maar ‘live aanwezig’ is toch anders.  

 

Het Abe Lenstra-stadion vormde voor de tweede keer het decor voor ‘ons’ Oranje. Dankzij buurman,  die kaartjes kreeg van zijn vrienden in het Westen, die dachten dat het duel in Den Haag zou plaatsvinden. Voor de meesten was Heerenveen dan ook even wennen. Op parkeerplaats ‘P8’ (tussen een industrieterrein en natuurgebied) waanden zich ook enkele AZ-supporters. “Waar is dat stadion gebleven?”, wisten ze het even niet waar ze het zoeken moesten. Ook voor ons noorderlingen was het ‘Abe Lenstra-stadion’ vrij onbekend. In stromende regen (“verrek, heb ik mijn regenbroek ook nog achterstevoren aan”, zat het mijn metgezel ook niet mee) dan eindelijk bij ‘Us Abe’, voor Nederland-Paraguay. ‘Fly away little Paraguayan’, schoot mij door het hoofd bij de naam Paraguay. Maar de verantwoordelijken voor de muziek hadden de George Baker Selection niet voorhanden. Buiten het stadion is het feest, wanneer er vuvuzela’s uitgedeeld worden. In oranje kleuren uiteraard. Het gigantische kabaal is tot in Zeist te horen. En daar zijn ze niet zo blij met de Afrikaanse toeters. En jawel, bij de ingang mogen, nee moeten, alle toeters weer worden ingeleverd! Pas na de wedstrijd mogen ze weer opgeraapt worden uit de containers. Nog meer soberheid in de verder geweldige Fean-ruimte in de ‘buik van Abe’. Iemand haalt heel veel munten uit een apparaat, denkend daarmee bier te kunnen versoberen. Mooi niet. Nee, de KNVB kent een strak regime, waar niet aan getornd wordt. Geen alohol! Over de begeleiding van Heerenveen geen wanklank. Je wordt van alle kanten geholpen, met een glimlach ook nog. Ver voor de wedstrijd (het was minstens drie kwartier lopen) zit de stemming er als vanouds in. Eerst in de Fean-huiskamer (met Radio 538), dan in het fraaie stadionnetje. Supporters uit alle windstreken, natuurlijk getooid in de vreemdste uitdossingen. Van Romeinen tot de kerstman. En een plukje rood-wit gestreepte fans. PSV-supporters of toch Paraguayanen? Deinend op ‘van voor naar achter’ en ‘Viva Hollandia’. Het is muisstil als het Zuid-Amerikaanse volkslied klinkt. Dit verandert uiteraard met het Wilhelmus, dat door de 20.000 (het was niet uitverkocht, maar wat wil je ook met de peperdure kaartjes) massaal wordt meegezongen. Een matte vertoning op het kletsnatte veld. Met over de hele wedstrijd genomen maar een paar echte kansen, van beide ploegen. Aan de tulband van de nummer 2 van de gasten te zien leek het een keihard duel, maar dat viel best mee. Paraguay (de Feanster speaker noemt het land steevast Paragueey) houdt het lang op 0-0. Een kwartier voor tijd stroomt het stadion al aardig leeg. Wij blijven zitten; hebben niet voor niets veel betaald. En stel dat hij toch nog valt (niet de Lotto, maar het doelpunt)…Hij valt niet. Nul-nul is en blijft het. De toeschouwers van ‘Ingang G’ hebben ijzeren geduld. Alsof we op de bus staan te wachten. Na een laatste kop koffie (de munten moeten toch op) zoeken we de duisternis op. En de olifantentoeters. Die er niet meer blijken te zijn. Alleen nog stapels ingebonden programmaboekjes (!?). Overigens verder geen fanartikelen. Buiten is het een sfeerloze bedoening. Alleen een groepje supporters, op een boerenkar (!), feest door. Us Abe is een colablikje in de hand gestopt. Verder wordt het fraaie beeld met rust gelaten. Supporters gaan naar huis. Sommigen moeten drie uur rijden. En waarschijnlijk langer, want er staat zowaar een file. Het mag de pret niet drukken; ze zijn erbij geweest. De gelukkigen hebben misschien wel een historisch aandenken: een verboden olifantentoeter.

 

18 november 2009  

 

FC Groningen

 

 

En wie niet springt…..

 

 

GRONINGEN – FC Groningen speelde de laatste competitieronde van het jaar tegen Heerenveen, om het kampioenschap van het Noorden. De Friezen bleven op de been in het hol van de leeuw. Een sfeerverhaal.

 

Sfeer was er volop in de uitverkochte Euroborg, de Groene Hel genoemd. De sfeermakers achter het doel lieten een gigantisch dundoek zakken: ‘Groningen voetbalstad’. En er volgde een zee van groen en witte vlaggen. Welkom in de Euroborg.

Het leek een zonnige dag, dat toch al goed begon met het vinden van het kleinste gaatje waartussen nog net de auto paste. Veiligheid gaat voor alles. Toch glippen we moeiteloos langs de fouillerende stewards. Op de plek bij de cornervlag en pal naast de fanatieke aanhang van de thuisploeg zien we nog meer sfeer: op het net gebouwde flatgebouw hoog boven het stadion schittert een kerstboom. Op de ijskoude tribune is iedereen goed gemutst. Supporters zeulen met dekens en zelfs al nieuwjaarsrolletjes (!). Het repertoire van de muziek is gevarieerd: van warme klanken tot Pe en Rinus en het indrukwekkende clublied ‘laat ons weer eens juichen’.

De FC begint furieus. Maar krijgt al gauw een ijskoude douche door een penalty tegen: 0-1. De aanhang heeft het gemunt op scheidsrechter Blom, die in de ogen van onze buurman werkelijk alles verkeerd doet. Na de 0-1 volgt een dreun; een container moet het ontgelden. In de rust willen we iets warms, maar geen koffie. Liever een gehaktbal, maar die blijkt uitverkocht. Dan maar een broodje worst. Velen kiezen voor bier. Op de drukbevolkte wc wil een man net plassen als zijn mobiel afgaat. Er volgt een oerkreet van Tarzan. Nu zal het in de tweede helft wel losgaan. Direct na rust zet FC, dat totaal niet in de wedstrijd zit, en een Heerenveen dat ook weinig laat zien, druk op de ketel. En het is Garcia Garcia die vol uithaalt voor 1-1. ‘En wie niet spring, die is een Fries…’, zingt de groen-witte supportersgroep. Met deze kou wil iedereen wel springen. Als Heerenveen in de barslechte burenruzie 1-2 maakt breekt de (groene) hel los. Voor de tweede keer wordt er afgereageerd op de container. Een groot deel van de supporters verlaat ruim voor tijd de arena. Ze kunnen het leed niet meer aanzien. De echte supporters blijven staan en als FC in de laatste minuut 2-2 maakt gaat het dak eraf. Op onverklaarbare manier laat Grunnen even later het punt alsnog glippen: 2-3. En verlaat het publiek diepteleurgesteld de Euroborg. Voor de derde keer gaat de container om…

 

December 2008

 

BV Veendam

 

Er is meer dan Groningen…Veendam:

 

‘Die Kanonen’ missen het doel

 

 

VEENDAM – Veendam speelt zijn laatste dagen in stadion De Langeleegte. De gevreesde, legendarische Veendamer burcht is straks niet meer. Het gaat plaatsmaken voor een hypermodern onderkomen. Voor wie het nog een keer wil zien: De Langeleegte.

 

De naam is al verkracht, tot Gjaltema aan de Langeleegte. Bij een bezoek aan de laatste thuiswedstrijd, tegen FC Den Bosch, blijkt dat wel mee te vallen. Het bord Sportpark De Langeleegte staat nog altijd bij de ingang. En ook het programmaboekje (“hoeveel wil je er?”) vermeldt op de voorpagina nog altijd die beroemde naam. ‘Er is meer dan Groningen….Veendam, heet de nieuwe slogan. En dat klopt. Veendam is heel anders dan Groningen. Gemoedelijker vooral. Hier geen agressieve supporters. Ook al waan je je in de Eerste Divisie, Jupiler League geheten. Het stadion is klein. De ballen kunnen gemakkelijk over beide tribunes achter de doelen geschoten worden. De sfeer is rustig. Een lange leegte aan stoeltjes op een van de grote tribunes. Het kabaal komt van de jeugd, achter de doelen. De Veendamer fans tegenover een plukje jongelui uit Den Bosch. De geel-zwarte aanhang maakt nog wat extra geluid, als een cameraman op hun tribune alles op film vastlegt. De Langeleegte is niet meer. Niet het indrukwekkende clublied Aan de Langeleegte, maar Jetzt kommen die Kanone…In de huidige Veendamer ploeg geen namen van weleer, zoals Jan Blijham. Maar weer wel twee heuse internationals, van  Curacao. Verder Sjaak Polak, die voor het kanonnenvoer zorgt. Hij schiet ze van alle afstanden. Het voetbal is best te pruimen. Boven verwachting van de trouwe Veendam-aanhang. Het eerste half uur is Veendam heer en meester. Met verzorgd voetbal, tot tevredenheid van het publiek, dat met een mannetje of driezuizend is afgekomen op de vrijdagavondshow. Na de 1-0 voorsprong geeft de thuisploeg de wedstrijd volledig uit handen. En bij rust zijn de rollen omgedraaid: 1-2. Waarop de kleine schare Bossche fans ‘Veendam ha ha ha’scandeert. In de pauze een versnapering halen in het spelershome. Beter: supporters én spelershome, want spelers en publiek mengt zich hier samen. Het is meer een gezellige, bruingekleurde huiskamer. De Beerenburg vloeit rijkelijk. De sfeer: gemoedelijk. Je kunt hier ook nog gewoon contant betalen; niks munten. Terwijl we weer geen zitten (tip: neem een plastic zak mee voor de warmte) en de soepkar voorbij komt maken we ons op voor de tweede helft.

in het tweede bedrijf blijft Veendam het proberen, maar krijgt vervolgens een harde les in effectiviteit. Het steeds beter in de wedstrijd komende Den Bosch loopt uit, tegen een  aangeslagen Veendam. Supporters lopen al weg. Meer leed kunnen de geel-zwarte fans niet meer aanzien. Het wordt uiteindelijk 2-4. De eens onneembare vesting zit nu vol gaten, waar de tegenstander gemakkelijk doorheen glipt. Hopelijk glijdt de tegenstander in de toekomst uit in het nieuwe stadion, dat in eerste instantie cynisch ‘bananenstadion’ werd genoemd. Als Veendam maar geen ‘bananenrepubliek’ wordt.

 

december 2008